Gorredijk

Terug naar boven

De Schans













 

Op de plaatsen waar in Gorredijk de schansgracht gelegen heeft, is dat gemarkeerd met een aparte bestrating van kleine gele steentjes langs de stoeprand. De schans werd aangelegd te gevolge van de oorlog met Engeland, Frankrijk, Munster en Keulen. ''Het volk was redeloos, de regering radeloos en het land reddeloos'' zei men er later van. Wie de resoluties van de Provinciale Staten naleest, begrijpt dat de uitspraak niet overdreven is. De Staten namen niet onmiddelijk na de inval al een aantal besluiten. In de week van 9 maart had Bernard van Galen (zie foto), de bisschop van Munster, Coevorden ingenomen en rukte op richting Friesland. De schans Zwarte Dijk, bij Een West, moest in orde gemaakt worden voor de verdediging. Tegelijk met de schansen te Friese Palen en Breeberg, aan de Biskop, werd dat besluit pas op 12 juni genomen. Het duurde toch ruim drie maanden voor men tot bezinning kwam. Het bleek niet voldoende te zijn. Op 16 juli trokken 13 vendels Munsterse soldaten door Opsterland, roofden en plunderden er en sloegen bij Ureterp af naar Drachten. Om uiteindelijk bij Suameer teruggejaagd te worden. Ook bij Oudega werden ze tegengehouden, daar moeten ze het afleggen tegen een probaat verdedigingsmiddel. Daar had men een aantal bijenkorven op scherp gesteld, die werden gekiept toen de vijand de brug naderde. De boze bijen richten zich tegen de soldaten, niet tegen hun eigenaren die verstopt over de vaart lagen.

Er is geen datum aan te geven wanneer besloten werd dat Gorredijk van een schans zou worden voorzien. Dat kan nog in den Haag in militaire archieven liggen, maar het kan ook gewoon verloren geraakt zijn. Op 6 augustus wordt een aanbeveling gedaan door de Staten om de boeren slechts in uiterste noodzaak werkzaamheden bij de schansen te laten verrichten. Veel boeren waren er niet bij in Gorredijk, dus of dit wel voor ons geval geldt, is niet duidelijk. Dat er aan de andere schansen door het doordringen van de Munstersen schade is berokkend, blijkt uit als de Staten de schansen op 6 september weer laten opmaken. Alweer de Zwarte Dijk, de Breeberg en nu ook Bekhof bij Oldeberkoop. Het volgend jaar is er een publieke aanbesteding van schansen, maar namen worden er niet genoemd. Pas op 23 mei 1673 valt de naam Gorredijk in dit verband. De troepen die bij de aanleg van de Schans te Gorredijk aan het qwerk zijn moeten vertrekken, evenals troepen die in Smallingerland gelegen zijn. De bevolking is de inkwartiering meer dan zat, zo blijkt uit de Staten resolutie. Op 3 mei, drie weken daarvoor waren de troepen te Gorredijk gemonsterd, enige Gedeputeerden hadden inspectie gehouden hoe de zaken er bij stonden.. Ze waren ook te Beetsterzwaag, Lippenhuizen en Wijnjeterp voor een troepenschouw geweest. Dezelfde dag wordt besloten nog twee regimenten naar Gorredijk te sturen. Op 13 mei zegt een rapport: ''Gorredijk is wel gelegen''. Op 4 juli 1673 blijkt dat de schans met palen is voorzien, die voor de aarden wal zijn geplaatst. Er waren er wel vier keer zoveel voor nodig als een gewone schans. De reden is, dat de buurt langs de vaart ook binnen de wallen kwam te liggen. Deze ''staart'' aan de schans is verantwoordelijk voor de extra kosten. In juni zijn er klachten over de troepen van hertog Holstein Plön (zie foto) die bier drinken zonder dat er accijns op wordt betaald. Al waren het eigen troepen, de tapperijen en herbergen leden er schade van. Op 11 juli is er weer sprake van inkwartiering van soldaten in Gorredijk, Heerenveen en andere plaatsen. Op 26 augustus zijn de Munstersen weer in de buurt, om het gevaar af te wenden komt kapitein Torck van Dokkum en laat een regiment van 100 man achter op de Breeberg. Bij Gorredijk komt het tot een drietal charges tegen de Munstersen onder kapitein Fürstenberg die zich achter een landweer, een inderhaast opgeworpen walletje terug trekt. Op 6 oktober moeten de Munstersen Coevorden waar ze zijn begonnen, weer opgeven en keert de rust in Friesland terug. Tussen augustus en oktober heeft Gorredijk de grootste bezetting gehad, want dan worden er 12 burgercompagnieën naar toe gestuurd. Op 12 oktober kunnen die alweer naar huis.

De reden waarom Gorredijk versterkt werd, was uiteindelijk de vervening. Het bleek dat de venen niet meer de oneembare barriére van vroeger waren. Door de ontginning was er al veel veen weggeraakt. Door Gorredijk lag nu een vaart, als barriére, die bij Loevestein terug boog, naar Lippenhuizen en die onder de naam Lange Wijk ergens achter de Driehoek ophield. Gorredijk lag zogezegd aan het eind van een fuik en was een geschikt punt in de tweede linie geworden als de schansen de vijand niet konden keren. Alleen via de brug over de vaart kon de vijand zonder problemen doorstoten naar Heerenveen, dat in 1672 het zenuwcentrum van de verdediging werd. En na Heerenveen lag de weg via Oude Schouw, waar ook een schans was aangelegd, naar Leeuwarden open. Dit strategische punt in de tweede linie moet de reden zijn geweest, waarom Gorredijk van een omwalling werd voorzien. Ik verwacht dan ook dat de landweer van Munstersen dan ook lag ter hoogte van de Driehoek, met een uitloper naar het eind van de Lange Wijk. Het is waarschijnlijk niet veel meer geweest dan een richel grond met een slootje ernaast, waar je in kon wegduiken voor de musketkogels van de soldaten uit De Schans die hun achterna waren gezet.
 

De schans van Gorredijk

Wie wil zien hoe een schans eruit zag, die kan naar Een west gaan om daar de Zwartendijkster Schans te zien. Maar of u dan ook een beeld hebt hoe de omwalling in Gorredijk er uitzag? Eerlijk gezegd nee. De aardwerken van Gorredijk waren lang zo hoog niet. De Schans bij Een is al gauw 5 meter hoog, van de grond af gerekend. De grond daar is uit een droge gracht gekomen aan de buitenkant van de schans, die wel niet zo diep is, maar wel 5 tot 8 meter breed. De bijzondere bestrating in Gorredijk, op een aantal plaatsen te zien is, geeft aan dat de gracht ongeveer 5.50 m breed was. De diepte was dan ongeveer 2.50. Omdat het zand voor de omwalling gebruikt is, dan kun je daar omgekeerd een heuvel van dezelfde grootte van maken. Om het losse zand op te sluiten en de wal stevig te maken heb je zoden nodig. Die steek je uit de directe omgeving. Waarschijnlijk niet van al in cultuur zijnde grond. Dat staat misschien op de gravure van de schans: gebroken grond. Veen – of heide plaggen lagen rondom het dorp. Dan heb je nog niet zo'n grote hoogte. De verdediging is blijkbaar verholpen door er een palissade als extra obstakel voor te zetten. Op de bekende gravure van de schans staat die palissade voor de aarden wal aan de buitenkant, er werden 4000 palen in totaal gekocht. De buitenzijde is iets steiler opgemaakt dan de binnenkant. De grond die er zonder de palen voor zou moeten liggen, kan er dan boven op worden geworpen. Die kan tot een soort borstwering worden aangelegd, waar de soldaten geknield, of liggend hun musketten konden richten. Zo staat het ook op de bekende prent van de schans, als je goed kijkt. Omdat er niet meer grond was, dan er uit de gracht kon komen, kan het bolwerk nooit zo hoog geweest zijn als de schans in Een West. Hoger dan 2,5 meter kan de wal eigenlijk niet geweest zijn. De doorsnee van de aarden wal is dan ook een benadering van de situatie. De palen zullen ongeveer van dezelfde grootte geweest zijn als een gemiddelde man van toen, het stuk in de grond niet meegerekend. Het waren dus forse palen, waarschijnlijk van dezelfde soort als er bij de zeedijken werden gebruikt. Over de huizen in Gorredijk komen we door die prent weinig te weten. Ze zijn alleen maar als grondvlakken in zijn getekend.
 

Skets van Jan Post bij zijn verhaal over de Gordykster skânsHet vroegere centrum van 'de Gordyk''

Van de Schans horen we pas bij de verkopingen als de oorlog voorbij is. De eerste keer is dat, wanneer Tammerus Poutsma en Ijdtie Andries een huis kopen met het erf tot aan de schans, naast hun eigen huis, met aan de andere kant een huis dat notaris Nijenhuis, zojuist had verkocht. De verkoper is Reynsch Willems, die getrouwd is met Tzipkcke Bernardus uit Makkum. Een verhuisbeweging die we niet direct kunnen plaatsen. Was hij hier militair geweest, die zo zijn vrouw had gevonden? Bij de tweede is dat duidelijker, dan gaat het om een huis, dat door Rolf Jochums, tamboer, zeker een militair, was gebouwd. Sytze Andries en Wijtske Jans kopen het huis met erf, dat strekt tot de sloot of de Fortresse. Blijkbaar inclusief het bolwerk, want de sloot lag aan de buitenkant. Naastligger is het hiervoor door T. Poutsma gekochte huis. Vervolgens koopt Goijtzen Douwes dit huis, dan gaat het perceel tot de sloot. Een jaar later 1675 koopt Hendrik Lentzes een huis aan de westzijde van de vaart, waarvan het erf strekt tot het bolwerk. Het gaat over een perceel tussen de Brouwerswal en de Schoolstraat. De bewoner is op dat moment Feitze veerschipper.


Een van de ouste huizen in Gorredijk-Noordoost. Stichting in 1753 door Scheffer veel later bewoond door Kleis Hoekstra. Foto nabij de bamboesteeg anno zomer 1932

Weer een jaar later is er een verkoping genoteerd van Ulcke Aebeles en Jantien Michiels, die een huis kopen in de 'Stercke', het perceel strekt van de straat tot de scheiding. Omdat er toen nog een kadaster bestond kunnen we er niet meer van zeggen dan dat het huis aan de Hoofdstraat stond Want van 'de straat tot de scheidinge' zegt er niet bij noord en wat zuid was. Twee jaar later blijkt dat deze veilige ligging een duidelijke aanwijzing is voor het belang van het jonge dorp Gorredijk, dat nog zonder eigen kerk was. In 1685 zien we dat Gorredijk er op vooruit is gegaan, dan koopt Sjoerd Pieters een huis in de 'Flecke' Gorredijk. Is dit misschien de vroegste vermelding? Het dorp is zichzelf ondertussen gaan zien als meer dan een dorp, maar het bleef voorlopig minder dan een stad. Nu Gorredijk in 2008 toch behoorlijk groot geworden is, zijn de namen Bolwerk en Fortresse niet als straatnaam te vinden. Eigenlijk wel jammer, want over de bolwerken heeft in de loop der tijd nooit iemand iets gezegd en een tekening, gewoon vanaf straatniveau, die iets van grootte aangeeft, bestaat er ook al niet van. Het bolwerk is in de loop der tijd afgevlakt, uitgelopen en uiteindelijk met behulp van de aanliggers stukje bij beetje geslecht en weer in de (droge?) gracht gebracht. Dat was dan twee lastige opstakels minder en het gaf mogelijkheid om het erf naar achteren uit te breiden.


De schans van gorredijk met de eerste bewoning binnen de omheining, na een maquette van Ernst Huisman

 

Auteur Jan Post Leeuwarden